Japanse meeuw

Japanse meeuw

De Japanse meeuw is een vogel die alleen in volières voor komt. Ze leven niet in de natuur, dit komt omdat ze ooit eens door gekweekt zijn door mensen en gekruist zijn. De vogels worden zo’n 10 tot 12 centimeter groot en zijn erg rustig. Het is een veel gewaardeerde tentoonstellingvogel. Het zijn echte groepsvogels. Ze leven het liefst met een aantal paren in een volière. De vogels worden zo’n 5 tot 6 jaar oud.

Herkenningspunten

De vogel is overwegend zwart of bruin op de kop en heeft een glanzende snavel. De onderbuik van de Japanse meeuw is wit van kleur, met een bruine borst. Dit zijn de herkenningspunten van de meest voorkomende soort, ze zijn er ook in het wit, zwartgrijs, zwartbruin en pastelroodbruin.

In een volière

De vogels kunnen prima samen met andere gezelschapsvogels. Het valt aan te raden om meerdere koppels in de volière te plaatsen. De Japanse meeuwen zijn erg bescheiden en laten zich snel verdringen door overheersende vogels, als de zebravink. Ze houden enorm van zitstokken en een bad. Zorg er dus voor dat deze ook aanwezig zijn in de volière. De vogels kunnen prima overwinteren in een volière, met een Nederlands klimaat. Wel is het aan te raden om een vorstvrij binnenhok te realiseren, zodat ze zich altijd terug kunnen trekken indien dit nodig is.

Voedsel Japanse meeuw

De Japanse meeuwen eten alleen een zaadmengsel voor tropische vogels. Dit zou je kunnen aanvullen met eivoer, groenvoer en kiemzaad. Ook trosgierst en onkruidzaden worden erg gewaardeerd door deze vogels.  
Tevens dient er natuurlijk altijd grit en maagkiezel aanwezig te zijn. Dit om de zaden beter te kunnen verwerken.  

Herkennen man/vrouw

Je kunt het geslacht van de vogels niet herkennen aan hun uiterlijk. Je kunt ze alleen herkennen door te luisteren naar hun zang. Alleen het mannetje zingt namelijk. Het vrouwtje doet dit niet of in hele kleine mate.

Kweken

Deze vogels zijn heel eenvoudig te kweken, ze brengen zelfs vaak jongen van andere vogels groot. Ze leggen hun eieren het liefst in een nestkastje. Ze vullen deze zelf aan met nestmateriaal dat in de volière te vinden is. Kokosvezel, mos, veertjes en gras worden hiervoor gebruikt. Er worden zo’n vijf tot zeven eieren gelegd welke binnen twee weken uitkomen. Drie weken later vliegen de jongen uit, een prachtig gezicht.

 

Extra opmerkingen

De Japanse meeuw is gewend om in een volière op te groeien en te leven. Ze komen niet in de natuur voor.